Bond tegen vloeken ruimt stoffig imago - 'De naam van onze bond blijkt aversie op te roepen. Dat maakt ons uiteraard verdrietig'. De papegaai maakt plaats voor een stoere jonge vrouw met zonnebril en motorjack of voor een multiculturele Nederlander met rastahaar en gitaar. Ofwel: de Bond tegen het vloeken ruimt zijn stoffig imago en gaat zich op modernere wijze presenteren.
"Dat wordt hoog tijd", zegt voorlichter Hans Alderliesten. Volgens hem heeft zijn Bond nog net op tijd in de gaten gekregen dat de samenleving sinds de aanslag op de Twintowers (2001) en de moord op Theo van Gogh (2002) drastisch is veranderd. Steun en acceptatie voor deze organisatie is niet meer zo vanzelfsprekend als vroeger. De opvatting over religieuze groeperingen in het algemeen is veranderd, evenals de standpunten over schelden en vloeken.
"De Bond tegen het vloeken heeft nagedacht over deze ontwikkelingen en heef vervolgens ideeën ontwikkeld over hoe onze organisatie zich in de toekomst kan opstellen", vertelt Alderliesten tijdens een bijeenkomst in Zierikzee. De Bond geeft verspreid over het land tijdens vier sessies toelichting op de vernieuwing. Dat gebeurt ook in Gouda, Scherpenzeel en Staphorst.
Het nieuwe beleid is deze week ingezet met het vervangen van de bekende 'papegaai-posters' op de stations voor de nieuwe exemplaren in vier varianten: portretten van jonge mensen met daarop de tekst: Ik? Ik ben tegen vloeken.
"Het spreekt me aan, die vernieuwing, maar ik mis toch het beeld van de papegaai", zegt een vrijwilliger in Zierikzee. Hij wordt op zijn wenken bediend: in het nieuwe logo is deze vogel gehandhaafd. Echter niet meer stil op een stokje, maar in beweging, vliegend tegen de wind in. Onderop de nieuwe posters prijken een QR-code en de verwijzing: http://www.voorrespect.nl/
"Via die weg kunnen belangstellenden ook van zichzelf een dergelijke poster laten maken met diezelfde tekst. Deze website zal binnen enkele dagen actief zijn", licht Wilfried Verboom toe. Hij is sinds vier maanden directeur van de Bond tegen het vloeken en is vol vertrouwen dat de organisatie haar status gaat oppoetsen. Dat gebeurt niet alleen met fleurige posters, maar ook met vernieuwde werkwijzen: 'Klassentaal' en 'Kapitaal', gericht op scholen en bedrijven. "Veel openbare scholen, maar soms ook christelijke scholen sturen onze post retour. Het wordt steeds moeilijker binnen het onderwijs binnen te komen. De naam van onze bond blijkt aversie op te roepen. Dat maakt ons uiteraard verdrietig", zegt Verboom.
Met 'Klassentaal' lanceert de Bond een nieuwe aanpak met uitleg over onder meer de herkomst van woorden. Onderzoek wees uit dat zowel kinderen als volwassenen soms geen idee hebben wat ze eigenlijk zeggen als ze vloeken. Voor veel mensen staat vloeken gelijk aan het uiten van scheldwoorden.
De Bond kant zich specifiek tegen het bezigen van 'smalende godslastering', maar introduceert nu onder de noemer 'Kapitaal' ook bijeenkomsten voor het bedrijfsleven voor respectvol woordgebruik in het algemeen. Het is een nieuwe activiteit, waarmee de Bond ook inkomsten hoopt te genereren.
Tot nu toe moet de organisatie het vooral hebben van giften. "Die blijven nog aardig op peil, maar het aantal donateurs is in de loop der jaren aanzienlijk minder geworden", constateert de directeur.
Medewerker Bert Gijsbertse vult hem aan: "In 2004 kon ik tijdens onze jaarlijkse Wegwijsbeurs nog 850 nieuwe donateurs noteren. Een jaar later waren dat er de helft minder. Die halvering zette zich elk jaar voort en in februari dit jaar in Hardenberg was er zegge en schrijve slechts één nieuwe donateur die zich aanmeldde."
Gijsbertse heeft vertrouwen dat er betere tijden aanbreken met onder meer de inzet van de 'bus op de markt'. Daarmee gaat hij jaarmarkten en braderieën af om onder het motto 'een vloek stoort', belangstellende bezoekers persoonlijk iets te kunnen vertellen over respectvol woordgebruik.
De Bond weet zich in diverse regio's gesteund door vrijwilligers. Zij zetten zich in voor verkoopacties, het organiseren van bijeenkomsten en het plaatsen van borden langs wegen, op sportvelden of bij bedrijven.
Ezeltjesproces bepalend voor jurisprudentie
Smalende godslastering is strafbaar volgens het nog steeds geldende artikel 147 van het Wetboek van Strafrecht. De meest geruchtmakende zaak die in het kader van dit artikel werd gevoerd, was het zogenaamde 'Ezeltjesproces' in 1972 tegen schrijver Gerard Reve. Hij schreef hoe God zou terugkeren als een ezel waarmee hij geslachtsgemeenschap zou hebben. Reve ging vrijuit. In het arrest ging de Hoge Raad in op de parlementaire geschiedenis van de wet. Een vereiste voor strafwaardigheid is dat de verdachte echt de bedoeling moet hebben gehad om te kwetsen.
Volgens voorlichter Hans Alderliesten van de Bond tegen het vloeken is specifiek dit 'Ezeltjesproces' bepalend geweest voor de jurisprudentie ten aanzien van 'smalende godslastering' is art. 147 tot een 'slapend artikel' geworden.
Kwestie van taal: pissen, plassen of urineren
Taal heeft veel met gevoelens en persoonlijke perceptie te maken. Voorlichter Hans Alderliesten van de Bond tegen het vloeken ging daar tijdens een bijeenkomst in Zierikzee nader op in met een voorbeeldles. Zo gaf hij een sprekend voorbeeld van de verschillen tussen het gebruik van straattaal, algemeen beschaafd Nederlands en deftig woordgebruik: pissen, plassen, urineren. Beelden en woorden worden positief, neutraal of negatief ervaren. Ook daarvan gaf Alderliesten enkele voorbeelden. Hij toonde in dit verband een portret van Pins Willem Alexander, van Geert Wilders, enkele grote windturbines en van vrachtwagens met een lengte van meer dan 8 meter. Ook toonde hij een grafiek met woorden die als 'heel erg' en 'niet zo erg' worden ervaren.
Bron: Bond tegen het vloeken (BtV) | www.bondtegenvloeken.nl