Tijdens de tweede editie van de Nacht van de Theologie wordt theoloog en dichter Huub Oosterhuis geëerd met de Theologie Oeuvreprijs 2012. De prijs wordt overhandigd door Ruud Lubbers. Ter gelegenheid van deze prijsuitreiking schreef Oosterhuis het geëngageerde pamflet Red hen die geen verweer hebben. De Nacht van de Theologie vindt plaats op 21 juni 2012 in de Hermitage in Amsterdam en heeft dit keer als thema Vreemd vermogen.
De Nacht van de Theologie heeft als doel theologen van uiteenlopende religieuze achtergrond te inspireren bij hun werk. Er is een avondvullend programma vol sprekers, muziek en workshops rondom een specifiek onderwerp. Daarnaast worden er prijzen uitgereikt aan vooraanstaande theologen. Een opvallende onderscheiding is er dit jaar voor Huub Oosterhuis. Zijn even grote als bevlogen bijdrage aan liturgische teksten en liederen, in combinatie met zijn praktische inzet voor rechtvaardigheid, levert hem de Theologie Oeuvreprijs 2012 op. Die wordt hem overhandigd door Ruud Lubbers, die zich op diverse manieren inzet voor vluchtelingen en allochtonen.
Lubbers inzet sluit naadloos aan bij het thema van Red hen die geen verweer hebben, het pamflet van Oosterhuis dat speciaal ter gelegenheid van de Nacht van de Theologie verschijnt. Uitgaand van het thema Vreemd vermogen houdt Oosterhuis een hartstochtelijk pleidooi voor een ethisch reveil in de theologie. De Bijbel is, tot verdriet van Oosterhuis en in tegenstelling tot de oorspronkelijke boodschap, verworden tot een puur spiritueel en apolitiek boek. Hij pleit ervoor om de God van de Bijbel weer te zien als voorvechter voor een rechtvaardige samenleving: een hoeder van hen die geen verweer hebben, tot het uiterste begaan met de zwakken en de armen.
Theoloog en dichter Huub Oosterhuis schreef talloze dichtbundels, essays en liturgische teksten. Hij is oprichter van De nieuwe liefde, centrum voor debat, bezinning en poëzie in Amsterdam.
Bron: Uitgeverij Ten Have Kampen | www.uitgeverijtenhave.nl
Afgelopen zaterdag kwamen honderden kerkmuzikanten uit binnen- en buitenland naar Aalsmeer voor de lancering van de Worship Central Cursus. Deze nieuwe cursus voor muziek- en aanbiddingteams, werd geïntroduceerd door onder anderen Tim Hughes en Nikki Fletcher, die betrokken zijn bij het ontwikkelen van de internationale cursus. De boodschap tijdens de dag: Aanbidding centraal zetten, is Jezus centraal zetten.
Alweer zeven jaar geleden begonnen Tim Hughes en Al Gordon vanuit Holy Trinity Brompton - de kerk waar de Alpha-cursus is ontstaan - te schrijven aan deze cursus voor aanbiddingteams. In die tijd begon muziek een steeds grotere plaats in te nemen tijdens de diensten, waarbij zij constateerden dat een visie op de rol van aanbidding nogal eens ontbrak. Daardoor ontstond het plan voor een nieuwe cursus. Tim Hughes: Bij aanbidding staan niet de emoties, stijl of de muziek centraal, want daarmee zetten we onszelf centraal. De term aanbidding spreekt bijna voor zichzelf, je aanbidt Iemand. Dat doe je door je hart op Christus te richten.
Discipelschap
Het centraal zetten van Christus in de aanbidding is de basis geworden van de Worship Central Cursus. Dat vraagt van de muzikanten discipelschap en persoonlijke toewijding aan God. Aanbiddingleider Kees Kraayenoord verzorgde het ochtendprogramma: Een aanbiddingleider is zoveel meer dan een muziek- of zangleider. Door bijvoorbeeld een plaatje te schetsen van Gods’ grootheid, liefde en goedheid op het podium kan de gemeente het hart te richten op Hem en vervolgens reageren met aanbidding.
Aanbidding als levensstijl
Dat aanbidding een allesomvattende levensstijl is, werd zaterdag herhaaldelijk benadrukt. Tim Hughes: Een kerk die de aanbidding van Christus centraal zet, zal in de volle breedte veranderd worden en een impact hebben op de maatschappij. Kees Kraayenoord vult aan: Neem de tekst in Amos waarbij God de muziek en de liederen van Israël afkeurt omdat er geen recht en gerechtigheid heerst. Aanbidding van Jezus op zondag wordt pas van waarde als je op maandag ook uitreikt naar armen en sociaal zwakkeren.
Worship Central Cursus
De cursus gaat naast discipelschap, uitgebreid in op praktische zaken als het leiden van aanbidding, het vormen van een goed team enz. Tim Hughes: Het unieke van deze cursus is dat je geen format of stijl krijgt voorgeschreven, maar dat het een bron is om als team samen uit te putten en in gebed de vorm te zoeken die bij je eigen gemeente past.
De Worship Central Cursus is gratis en online verkrijgbaar op www.worshipcentral.nl/cursus.
Bron: Worship Central Nederland | www.worshipcentral.nl
Onlangs lanceerde het Nederlands Bijbelgenootschap de website www.prentenbijbel.nl. Deze site, bedoeld voor zowel kinderen als ouders, is nu uitgebreid met een bijzondere game. Deze game is een combinatie van kennis en behendigheid, en daagt kinderen tussen de 5 en 8 jaar uit om hun kennis van de bijbelverhalen te testen.
Het nieuwe spel op Prentenbijbel.nl kent verschillende kennisniveaus. Start het eerste level nog met redelijk eenvoudige vragen over onder meer de ark van Noach, de vragen in level vier, bijvoorbeeld over de kleding van Johannes, zijn een stuk pittiger. De vragen in combinatie met het behendigheidselement vormen een spannend spel voor kinderen én ouders, maar past ook goed binnen het lesprogramma van een basisschool. De game biedt voldoende gespreksonderwerpen om samen over de bijbelverhalen door te praten.
Prentenbijbel.nl is opgezet als aanvulling op de bestaande uitgave Prentenbijbel en bevat naast het nieuwe spel ook een overzicht van de beschikbare boeken, kleurplaten, apps en achtergrondinformatie bij de Prentenbijbel.
De Prentenbijbel, geïllustreerd door Marijke ten Cate, is sinds 2008 een geliefde kinderbijbel in binnen- en buitenland. In september 2011 werd de Prentenbijbel in herziene en uitgebreide vorm herdrukt door uitgeverij Jongbloed. Hij is uitgebracht in onder meer Duitsland, Amerika, Noorwegen en Spanje. De Prentenbijbel is verkrijgbaar in de boekhandel en via www.prentenbijbel.nl.
Bron: IZB voor zending in Nederland, Amersfoort | www.izb.nl
Wellicht gaat u al heel lang trouw iedere zondag naar kerk, of misschien heeft u dit vroeger trouw gedaan maar ziet u dit nu even niet meer zitten. Juist voor mensen met homogevoelens kan er voor de kerkgang wel eens een barrière staan, je hebt even een extra stukje motivatie nodig om over de drempel te komen. Wellicht voel je dat je buiten het geheel staat, of voel je jezelf bezwaard omdat jij zo bent.RefoAnders wil graag jouw kerkgang ondersteunen door hier weer een gezamenlijke beleving van te maken. Jij bent meer dan welkom, ook als je homo-gevoelens hebt en ja.. ook als je een relatie hebt! RefoAnders zoekt (trouwe) kerkgangers die willen helpen door als contact persoon in hun regio op te treden. Mensen die de groepen bij elkaar houden en stimuleren. Maar ook zoeken we mensen die zich er maar niet toe kunnen zetten om naar kerk te gaan en dit wel missen of na jaren lange afwezigheid nu toch de kerkgang opnieuw willen oppakken.Wat is de bedoeling
RefoAnders wil in zo veel mogelijk regio's een contactpersoon aanstellen. Deze contactpersoon onderhoud de contacten met de groep in die regio. Via RefoAnders worden nieuwe deelnemers verwezen naar deze contactpersonen. De groep bestaat uit 3-10 personen en gaat beurtelings, bij elkaar gezamenlijk naar een gewone kerkdienst (dus niet naar roze vieringen e.d.).Kerk bezoeken worden gedaan in een frequentie die de groep onderling bepaalt. Na de kerkdienst komt de groep bij één van de deelnemers thuis om na te praten, koffie te drinken of te eten.Lijkt het je wat om de zondagse kerkdiensten in jou regio (weer) te bezoeken en dit te koppelen met een groepsbeleving waarin je jezelf welkom mag weten ? Klik dan op deze link om je zelf alvast aan te melden.Zodra wij in jouw regio voldoende aanmeldingen hebben brengen wij je op de hoogte. Zend deze uitnodiging gerust door aan al je vrienden/vriendinnen en bekenden zodat ook zij deze weer door kunnen sturen naar hun kennissen en laten we zo elkaar opwekken om weer naar kerk te gaan!Bron: Refo Anders | www.refoanders.nl
Wellicht gaat u al heel lang trouw iedere zondag naar kerk, of misschien heeft u dit vroeger trouw gedaan maar ziet u dit nu even niet meer zitten. Juist voor mensen met homogevoelens kan er voor de kerkgang wel eens een barrière staan, je hebt even een extra stukje motivatie nodig om over de drempel te komen. Wellicht voel je dat je buiten het geheel staat, of voel je jezelf bezwaard omdat jij zo bent.
RefoAnders wil graag jouw kerkgang ondersteunen door hier weer een gezamenlijke beleving van te maken. Jij bent meer dan welkom, ook als je homo-gevoelens hebt en ja.. ook als je een relatie hebt! RefoAnders zoekt (trouwe) kerkgangers die willen helpen door als contact persoon in hun regio op te treden. Mensen die de groepen bij elkaar houden en stimuleren. Maar ook zoeken we mensen die zich er maar niet toe kunnen zetten om naar kerk te gaan en dit wel missen of na jaren lange afwezigheid nu toch de kerkgang opnieuw willen oppakken.
Wat is de bedoeling
RefoAnders wil in zo veel mogelijk regio's een contactpersoon aanstellen. Deze contactpersoon onderhoud de contacten met de groep in die regio. Via RefoAnders worden nieuwe deelnemers verwezen naar deze contactpersonen. De groep bestaat uit 3-10 personen en gaat beurtelings, bij elkaar gezamenlijk naar een gewone kerkdienst (dus niet naar roze vieringen e.d.).
Kerk bezoeken worden gedaan in een frequentie die de groep onderling bepaalt. Na de kerkdienst komt de groep bij één van de deelnemers thuis om na te praten, koffie te drinken of te eten.
Lijkt het je wat om de zondagse kerkdiensten in jou regio (weer) te bezoeken en dit te koppelen met een groepsbeleving waarin je jezelf welkom mag weten ? Klik dan op deze link om je zelf alvast aan te melden.
Zodra wij in jouw regio voldoende aanmeldingen hebben brengen wij je op de hoogte. Zend deze uitnodiging gerust door aan al je vrienden/vriendinnen en bekenden zodat ook zij deze weer door kunnen sturen naar hun kennissen en laten we zo elkaar opwekken om weer naar kerk te gaan!
Bron: Refo Anders | www.refoanders.nl
Het wordt controversieel bevonden om op het werk uiting te geven aan spirituele overtuigingen. Sommige mensen geloven dat elke en alle uitingen van geloofsovertuiging op het werk ongepast zijn, alsof er ergens een document is dat expliciet een scheiding tussen kerk en werk voorschrijft. Anderen zouden zeggen dat woorden geven aan datgene wat iemand gelooft een inherent recht is, ongeacht waar ze op dat moment ook mogen zijn. Wie heeft er gelijk?
In een bericht op zijn blog, gaf mijn vriend Preston Bowman kortgeleden zijn kijk op de gepastheid van het vermengen van werk en religie. Hij gaf wijs advies: Als je iemand bent voor wie God een wezenlijk onderdeel van je leven is, probeer het dan niet te verbergen, maar probeer het ook niet te forceren. Spreek vrijelijk en op natuurlijke wijze over je leven, je waarden en je overtuigingen. Maar hij gaf ook een waarschuwing af: Gebruik God of religieuze taal nooit om indruk te maken of om vooruit te komen.
Deze kijk strookt goed met de benadering die de apostel Paulus in het Bijbelse Nieuwe Testament onderstreepte toen hij schreef: Wij zijn niet als zoveel anderen, die aan het woord van God willen verdienen; wij spreken erover in alle oprechtheid, in opdracht van God, ten overstaan van Hem en in eenheid met Christus. (2 Korintiërs 2:17)
Ben je ooit mensen tegen gekomen die religie of spiritualiteit als een marketinginstrument gebruiken? Misschien door een religieuze uitspraak of Bijbelvers op een visitekaartje zodat ze herkenbaar zijn voor andere gelovigen? Dit is niet om te zeggen dat we ons ooit moeten schamen voor oprechte overtuigingen. Maar ze tentoon stellen als een poging om meer zaken of klanten te trekken komt neer op, net zoals de apostel zei,
verdienen aan het woord van God.
Daar komt bij dat er momenten zijn waarop het acceptabel is om over het geloof te praten en momenten waarop dat niet het geval is. Tenzij je aangenomen bent als de kapelaan van een bedrijf, omvat je taakbeschrijving waarschijnlijk niet de opgave om tijdens werktijd preken te houden of lange spirituele dialogen te voeren. Een van de beste manieren om ons geloof effectief te communiceren is door ons werk excellent te doen, en dat betekent bovenop het werk blijven zitten.
Als iemand op het werk je een vraag stelt over je geloof, moet je, volgens 1 Petrus 3:15, steeds bereid zijn antwoord te geven. Maar het moment waarop de vraag gesteld wordt, is niet perse ook het beste moment om antwoord te geven. Het zou beter kunnen zijn om het onderwerp tijdens de lunch of een pauze te bespreken, zodat niemand je er van kan beschuldigen dat je niet je beste werk aan het bedrijf geeft.
Een andere overweging is of je gedrag overeenkomt met wat je zegt. Iemand zei ooit: Als je wandel en je woorden niet in overeenstemming zijn, kun je het beste zo min mogelijk zeggen. We leven in een wereld waarin iedereen allerlei soorten geloven en meningen heeft. De enige manier om te weten of ze echt geloven wat ze zeggen is door te kijken of hun leven en woorden met elkaar overeenkomen. Zoals Jezus zei: Zo moet jullie licht schijnen voor de mensen, opdat ze jullie goede daden zien en eer bewijzen aan jullie Vader in de hemel. (Mattheüs 5:16)
Dus als antwoord op de vraag of het gepast is om op het werk uitdrukking te geven aan onze geloofsovertuigingen is mijn antwoord: Wees niet bang om te zeggen wat je waarden zijn, maar alleen als ze oprecht en authentiek zijn.
Reflectie/Discussie
1. Wat vind jij ervan dat mensen hun persoonlijk geloof op het werk bespreken?
2. Ben je ooit in een situatie geweest waarin je vond dat iemand over zijn of haar geloof of spirituele zaken sprak op een manier die
duidelijk ongepast was? Licht je antwoord toe.
3. Denk je dat het belangrijk is dat iemands persoonlijk en professioneel handelen overeenkomt met wat ze beweren spiritueel te geloven? Waarom wel of niet?
4. Wat vind je van de oproep van de heer Boxx: “Wees niet bang om te zeggen wat je waarden zijn, maar alleen als ze oprecht en authentiek zijn.”?
Andere verzen over dit onderwerp:
Matteüs 28:19-20; Galaten 6:9-10; Efeziërs 6:19-20; Kolossenzen 4:5-6; Jakobus 2:14-18
Bron: CBMC Nederland, Putten | www.cbmc.nl
Dubbele trendbreuk: zorg dichtbij de patiënt, aanzienlijke vermindering uitgavengroei
Minister Edith Schippers (VWS) heeft vandaag een akkoord gesloten met zorgaanbieders, beroepsverenigingen, zorgverzekeraars en cliënten- en familieorganisaties over de toekomst van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Partijen zijn blij dat ze een akkoord hebben kunnen sluiten en gaan zich gezamenlijk inspannen om een kwalitatief hoogwaardige en betaalbare GGZ te realiseren. De zorg wordt voortaan zo dicht mogelijk om de patiënt georganiseerd. De stijging van de uitgaven in de GGZ wordt aanzienlijk verminderd.
Uitgangspunt is dat passende zorg op de juiste plek wordt verleend. Er vindt een omslag plaats van klinisch naar ambulant, van tweede lijn naar eerste lijn, van eerste lijn naar huisarts en van huisarts naar meer zelfmanagement. Deze omslag vindt op een voor de patiënt verantwoorde en zorgvuldige manier plaats.
Verzekeraars en zorgaanbieders gaan de beddencapaciteit fors afbouwen. De ambitie is om de beddencapaciteit in de periode tot 2020 met een derde af te bouwen ten opzichte van 2008. Dit betekent dat patiënten in plaats van in klinieken veel meer thuis met de juiste behandeling en ondersteuning worden geholpen.
Partijen hebben verder afgesproken preventie, zelfmanagement en het herstelvermogen van de patiënt fors te stimuleren. Het gebruik van dwangtoepassingen wordt verder teruggedrongen.
Door de vandaag gemaakte afspraken wordt de GGZ-sector van de tijd- en geldrovende dubbele administratie verlost. De gehele tweedelijns-GGZ stapt over op prestatiebekostiging in plaats van budgetfinanciering.
Partijen hebben afgesproken om voor 2013 en 2014 de jaarlijkse uitgavengroei in de GGZ te beperken tot 2,5 procent. De afgelopen jaren lag de groei steeds op ruim 5 procent.
Het akkoord is gesloten tussen minister Schippers en cliënten- en familieorganisaties (Landelijk Platform GGZ), met vertegenwoordigers van zorgaanbieders en beroepsverenigingen (GGZ Nederland, Meer GGZ, Landelijke Vereniging van Eerstelijnspsychologen, het Nederlands Instituut van Psychologen, de Nederlandse Vereniging van Vrijgevestigde Psychologen & Psychotherapeuten, de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie en de Landelijke Vereniging Georganiseerde eerstelijnszorg) en met zorgverzekeraars (Zorgverzekeraars Nederland). De NVVP, NIP en LVE hebben getekend onder voorbehoud van een achterbanraadpleging.
Bron: Rijksoverheid | www.rijksoverheid.nl
Minder functionele beperkingen zonder extra kosten
Een relatief eenvoudige voedingstherapie vermindert functionele beperkingen bij ondervoede ouderen. De therapie levert geen extra kosten op voor de gezondheidszorg. Daarnaast neemt na deze therapie het aantal valincidenten aanzienlijk af. Dat blijkt uit onderzoek van Floor Neelemaat, waarop zij woensdag 20 juni zal promoveren aan de Vrije Universiteit Amsterdam. De voedingstherapie bestaat uit begeleiding door een diëtist, energie- en eiwitrijke drinkvoeding en een calcium-vitamine D supplement.
Langer zelfstandig functioneren na voedingstherapie
Ruim één op de vier ouderen die is opgenomen in het ziekenhuis is ondervoed. Een speciale voedingstherapie kan de negatieve gevolgen van ondervoeding, zoals functionele beperkingen en valincidenten, tegengaan. Patiënten konden na deze therapie bijvoorbeeld zelfstandig een trap op- en aflopen en zichzelf aan- en uitkleden, terwijl patiënten in de controlegroep dit in mindere mate konden. Neelemaat: Een afname in functionele beperkingen helpt ouderen langer zelfstandig te functioneren. Dat is een belangrijke bevinding, zeker gezien de toenemende druk op de gezondheidszorg door de vergrijzing.
Voor dit onderzoek verdeelde Neelemaat oudere patiënten via loting over twee groepen. Alle patiënten waren ondervoed en opgenomen in het ziekenhuis. De ene groep kreeg de gebruikelijke voedingszorg, terwijl de andere groep de speciale voedingstherapie kreeg. Bij opname en drie maanden na ontslag uit het ziekenhuis vroeg zij de Minder functionele beperkingen zonder extra kosten
Een relatief eenvoudige voedingstherapie vermindert functionele beperkingen bij ondervoede ouderen. De therapie levert geen extra kosten op voor de gezondheidszorg. Daarnaast neemt na deze therapie het aantal valincidenten aanzienlijk af. Dat blijkt uit onderzoek van Floor Neelemaat, waarop zij woensdag 20 juni zal promoveren aan de Vrije Universiteit Amsterdam. De voedingstherapie bestaat uit begeleiding door een diëtist, energie- en eiwitrijke drinkvoeding en een calcium-vitamine D supplement. naar hun zorggebruik en onderzocht zij hun lichamelijke prestaties, bijvoorbeeld door hen te vragen om vijf keer zo snel mogelijk te gaan zitten en opstaan uit een stoel.
Bron: Rijksoverheid | www.rijksoverheid.nl
· Maar liefst tien van de 50 kandidaat-Kamerleden komen uit Utrecht
· Vier van hen op een verkiesbare plaats
De ChristenUnie-kandidatenlijst voor de Tweede Kamer heeft een stevige delegatie uit de provincie Utrecht. Van de tien kandidaten uit Utrecht staan er zelfs vier op een mogelijk verkiesbare plaats. Onder hen staat Carla Dik-Faber, fractievoorzitter in Provinciale Staten van Utrecht, op de vijfde plaats.
Hoogste nieuwkomer op de lijst is Gert-Jan Segers uit Hoogland, Amersfoort. De directeur van het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie staat op de vierde plaats. Voorheen was hij werkzaam als beleidsmedewerker bij de Tweede Kamerfractie van de RPF en journalist bij de Evangelische Omroep. Hij woonde en werkte zeven jaar in Egypte en een jaar in de Verenigde Staten. Terug in Nederland heeft hij zich onder meer gericht op het islam- en integratiedebat en is hij columnist en schrijver van onder meer twee romans.
Een grote verrassing is Carla Dik-Faber uit Veenendaal. De huidige fractievoorzitter in Provinciale Staten van Utrecht staat op de vijfde plaats. Eerder was de kunsthistorica gemeenteraadslid in Veenendaal. Dik is dus een ervaren politica op plaatselijk en provinciaal niveau en heeft zich veel beziggehouden met beleidsterreinen als infrastructuur, ruimtelijke ordening en duurzaamheid.
Op plaats zes staat Eppo Bruins uit Utrecht. Hij is een gepromoveerde natuurkundige en momenteel directeur van de Technologiestichting STW, dat technisch-wetenschappelijk onderzoek stimuleert. Ook is hij voorzitter van ForumC, het christelijke forum voor geloof, wetenschap en samenleving. Bruins is kortgeleden overgestapt van het CDA naar de ChristenUnie.
EO-presentator Herman Wegter uit Amersfoort staat op plaats zeven. Hij is bekend als presentator van tv-programma’s als ‘De kist’, ‘Nederland helpt’ en ‘Melk & Honing’. Via die programma’s is hij met veel mensen in aanraking gekomen waarvoor hij zich nu in de politiek wil inzetten. Jongeren, zorg en duurzaamheid gaan hem speciaal aan het hart.
Verder staan uit de provincie Utrecht de volgende kandidaten op de lijst:
Plaats 12: milieudeskundige Martine Vonk uit Vianen.
Plaats 27: Remco van Mulligen, Rooms-Katholiek, wonend in Amersfoort
Plaats 31: Raadslid Mirjam Bikker uit Utrecht
Plaats 33: Bert Koops, wethouder in Bunschoten-Spakenburg
Plaats 39: Raadslid Simone Kennedy-Doornbus uit Amersfoort
Plaats 40: Statenlid Arne Schaddelee uit Houten
Bron: ChristenUnie | www.christenunie.nl/nl
Geldwolven kunnen christenen niet genoemd worden als ze op zoek zijn naar een baan. Slechts 2 procent kijkt in die fase vooral naar het salaris. Talenten en gehoorzaamheid aan God zijn cruciaal.
Dat blijkt uit een onderzoek van Thamar Koedoot van de Christelijke Hogeschool Ede (CHE). Voor haar afstudeerscriptie onderzocht ze welke rol een christelijke levensovertuiging speelt bij het maken van loopbaankeuzes. Donderdag zijn de resultaten gepresenteerd bij de opdrachtgever, Van Dam Loopbaanbegeleiding in Veenendaal.
Cruciaal voor de christelijke werknemer is dat hij zijn unieke talenten kan inzetten (dat geldt voor 49 procent). Daarna volgen waarden als werk doen dat niet ingaat tegen Gods geboden (23 procent) en het geloof dat God duidelijk maakt welk werk iemand moet kiezen (21 procent). De inhoud van de baan is voor driekwart van de respondenten doorslaggevend bij het kiezen van werk, blijkt uit het onderzoek, tegenover 2 procent dat hier kiest voor salaris. Bijna ?10 procent vindt de organisatiecultuur het belangrijkst.
Tegelijk concludeert Koedoot dat christenen het niet van groot belang vinden om bij een christelijke organisatie te werken. Maar uit de cijfers blijkt dat wel 40 procent bij een instelling met zo’n uitgesproken identiteit werkt. Men gelooft dat God ook de loopbaanontwikkelingen leidt, stelt Koedoot. Tegenslagen worden gezien als iets wat blijkbaar niet Gods wil is en men is ervan overtuigd dat er dan iets anders op hun weg geplaatst wordt. Volgens haar gaat de christelijke levensovertuiging een steeds grotere rol spelen naarmate iemand ouder wordt.
Koedoot trok haar conclusies aan de hand van interviews, literatuuronderzoek en de uitkomsten van een enquête. De vragenlijst werd verspreid onder leden van twee vakorganisaties –de RMU (Reformatorisch Maatschappelijke Unie) en cgmv (christennetwerk|gmv)– plus Impact Netwerk, een netwerkgroep voor jonge christenprofessionals. Aan deze enquête namen 338 personen deel.
In haar inleiding benoemt Koedoot de tendens dat mensen „meer en meer op zoek zijn naar zingeving.” Via het onderzoek zouden christelijke loopbaanbegeleiders meer zicht kunnen krijgen op de behoeften van cliënten.
Bron: Christelijke Hogeschool Ede (CHE) | www.che.nl