Nederlandse hoogleraren en wetenschappers, verbonden aan de rechtenfaculteiten van de Vrije Universiteit Amsterdam, Erasmus Universiteit Rotterdam, Rijksuniversiteit Groningen, Tilburg University en Universiteit Utrecht, hebben grote bezwaren tegen de plannen uit het Lenteakkoord voor het ontslagrecht en de Werkloosheidswet (WW). Op initiatief van VU-hoogleraar Sociaal Recht Willem Bouwens hebben zij hierover een open brief gestuurd aan de vaste Kamercommissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Tweede Kamerfracties van de politieke partijen.
Nederlandse arbeidsmarkt is zeer flexibel
Volgens de ondertekenaars zijn de plannen gebaseerd op onjuiste ideeën over de starheid van het Nederlandse ontslagrecht en de invloed die daarvan uitgaat op het aanstellingsbeleid van werkgevers. Zij vrezen dat uitvoering van de plannen een negatieve uitwerking zal hebben op de concurrentiekracht van de Nederlandse economie, de machtsverhoudingen binnen bedrijven en de tweedeling op de Nederlandse arbeidsmarkt.
Bron: Vrije Universiteit Amsterdam | www.vu.nl
Jongvolwassen daders tussen de 18 en 24 jaar lijken meer op adolescenten van 15 tot 18 jaar dan op oudere volwassenen en moeten daarom volgens het jeugdstrafrecht worden berecht. Dat concludeert een studiegroep van ruim dertig Nederlandse en buitenlandse wetenschappers die criminaliteit onder jongvolwassenen onderzocht. Hun bevindingen zijn gebundeld in een nieuw boek dat zij donderdag 14 juni presenteren tijdens een conferentie van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Ontwikkeling jongvolwassenen lijkt meer op minderjarigen
Jongvolwassenen plegen veel meer en ernstigere delicten dan gedacht. Meer en ernstiger dan zowel minderjarigen als oudere volwassenen. Hoe moet justitie omgaan met deze daders? VU-hoogleraar en NSCR-onderzoeker Peter van der Laan: “Op dit moment ligt de overgang van jeugd- naar volwassenenstrafrecht in de meeste landen bij de leeftijd van 18 jaar. Maar de criminaliteit, levensomstandigheden en sociale en psychologische ontwikkeling van jongvolwassenen lijken meer op die van minderjarigen dan volwassenen. Bovendien zijn de hersenen pas na je vierentwintigste helemaal ontwikkeld, waardoor jonge mensen waarschijnlijk nog geen volledige controle hebben over hun gedrag.”
Nadruk op opvoeding en gedragsverandering
De wetenschappers vinden daarom dat jongvolwassenen tot 24 jaar niet volgens het strafrecht voor volwassenen, maar volgens het jeugdstrafrecht berecht moeten worden. De nadruk zou meer moeten liggen op opvoeding en gedragsverandering zoals bij het jeugdstrafrecht. Programma’s gericht op het voorkómen en stoppen van crimineel gedrag zouden daarom niet alleen voor minderjarigen beschikbaar moeten zijn, maar ook voor jongvolwassenen tot 24 jaar, aldus Van der Laan.
Wetenschappelijke inzichten gebundeld in boek
De wetenschappers beschrijven in het boek Persisters and desisters in crime from adolescence into adulthood: explanation, prevention and punishment de wetenschappelijke inzichten over de overgang van adolescentie naar jongvolwassenheid en wat dit betekent voor de criminele carrières van jongvolwassen daders. Ze gaan ook in op mogelijke andere verklaringen voor criminaliteit op verschillende leeftijden. Daarnaast komt de werking en reikwijdte aan bod van wet- en regelgeving en vroegtijdig ingezette preventie en interventie in het perspectief van internationale juridische verdragen.
Bron: Vrije Universiteit Amsterdam | www.vu.nl
Minister Edith Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport plaatst de stof 4-methylamfetamine (4-MA) met onmiddellijke ingang op lijst I van de Opiumwet, de lijst van verboden middelen. Ze doet dit na advies van het Coördinatiepunt Assessment en Monitoring nieuwe drugs (CAM).
De stof 4-MA duikt de laatste tijd op in amfetamine (speed) en kan leiden tot extreme oververhitting van het lichaam, met mogelijk dodelijke afloop. Het afgelopen jaar hebben zich 5 fatale ongevallen voorgedaan in Nederland. Ook in België en het Verenigd Koninkrijk zijn enkele personen na het gebruik van 4-MA overleden. Als er sprake is van een acuut gevaar voor de volksgezondheid heeft de minister de bevoegdheid bij ministeriële regeling een stof op lijst I van de Opiumwet te plaatsen. Deze regeling zal binnen een aantal dagen in de Staatscourant worden gepubliceerd.
Bron: Rijksoverheid | www.rijksoverheid.nl
Jongvolwassen daders tussen de 18 en 24 jaar lijken meer op adolescenten van 15 tot 18 jaar dan op oudere volwassenen en moeten daarom volgens het jeugdstrafrecht worden berecht. Dat concludeert een studiegroep van ruim dertig Nederlandse en buitenlandse wetenschappers die criminaliteit onder jongvolwassenen onderzocht. Hun bevindingen zijn gebundeld in een nieuw boek dat zij donderdag 14 juni presenteren tijdens een conferentie van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Ontwikkeling jongvolwassenen lijkt meer op minderjarigen
Jongvolwassenen plegen veel meer en ernstigere delicten dan gedacht. Meer en ernstiger dan zowel minderjarigen als oudere volwassenen. Hoe moet justitie omgaan met deze daders? VU-hoogleraar en NSCR-onderzoeker Peter van der Laan: “Op dit moment ligt de overgang van jeugd- naar volwassenenstrafrecht in de meeste landen bij de leeftijd van 18 jaar. Maar de criminaliteit, levensomstandigheden en sociale en psychologische ontwikkeling van jongvolwassenen lijken meer op die van minderjarigen dan volwassenen. Bovendien zijn de hersenen pas na je vierentwintigste helemaal ontwikkeld, waardoor jonge mensen waarschijnlijk nog geen volledige controle hebben over hun gedrag.”
Nadruk op opvoeding en gedragsverandering
De wetenschappers vinden daarom dat jongvolwassenen tot 24 jaar niet volgens het strafrecht voor volwassenen, maar volgens het jeugdstrafrecht berecht moeten worden. De nadruk zou meer moeten liggen op opvoeding en gedragsverandering zoals bij het jeugdstrafrecht. Programma’s gericht op het voorkómen en stoppen van crimineel gedrag zouden daarom niet alleen voor minderjarigen beschikbaar moeten zijn, maar ook voor jongvolwassenen tot 24 jaar, aldus Van der Laan.
Wetenschappelijke inzichten gebundeld in boek
De wetenschappers beschrijven in het boek Persisters and desisters in crime from adolescence into adulthood: explanation, prevention and punishment de wetenschappelijke inzichten over de overgang van adolescentie naar jongvolwassenheid en wat dit betekent voor de criminele carrières van jongvolwassen daders. Ze gaan ook in op mogelijke andere verklaringen voor criminaliteit op verschillende leeftijden. Daarnaast komt de werking en reikwijdte aan bod van wet- en regelgeving en vroegtijdig ingezette preventie en interventie in het perspectief van internationale juridische verdragen.
Bron: Vrije Universiteit Amsterdam | www.vu.nl
Sergey Shinder beschrijft namens hen de geschiedenis van de gemeente, een kerk met een sterk missionaire inslag. In 1993 riep God een groep zendelingen (Victor Prisyazhuk, Sergey Shinder en Pavel Kostyutsin) op een kerk te planten in Chmelnitski. Nadat ze zich drie jaar hadden ingezet voor de zending werd er een evangelische kerk gesticht (de Levensbron) die 80 leden telt. In 1996 werden twee broeders bevestigd als predikant (Shinder en Kostyushin). De kerk richtte zich op zending. Haar visie was het stichten van nieuwe plaatselijke kerken. Daarom begonnen zij aan een tweede kerk in Chmelnitski. Met Gods hulp kwam deze kerk tot stand na er een jaar aan gewerkt te hebben. De kerk werd officieel geregistreerd bij de autoriteiten onder de naam Kerk van Gods liefde (Unie van evangelische christenbaptisten).
Tegenwoordig is Sergej Shinder hier predikant. De kerkenraad telt 5 leden. Er zijn 17 kerkleden. Eerste stappen Victor en Sergey zetten niet alleen de kerk van Gods liefde op, maar studeerden ook aan een seminarie van de Raad van onafhankelijke kerken (president Kaluzniy Anatoliy). Deze broeders leerden ook de methode van de explosie van evangelieverkondiging, die onderwezen werd door presbyteriaanse dominees uit de VS. Ze wisten nog niet van het bestaan van gereformeerde of presbyteriaanse Unies in Oekraïne. Daarom werd de kerk geregistreerd als een deel van de Unie van Baptisten.
Seminarie in Kiev
In 2006 gebruikte God dominee Alexander Pavluk om een groep leiders van onze plaatselijke kerk uit te nodigen voor informele bijeenkomsten waar docent Jos Colijn les ging geven over de Dordtse leerregels. Het volgende jaar (2007), opnieuw op aanbeveling van dominee Alexander Pavluk en na vertegenwoordigers van het Gereformeerde Evangelische Seminarie van Oekraïne ontmoet te hebben, werd Sergey Shinder student aan het seminarie. In 2008 volgde diaken Igor Gumenny hem. Wat we geleerd hadden op het seminarie gingen wij onderwijzen in preken en ook in officiële en informele ontmoetingen met kerkleden. We onderwezen onze mensen over onderwerpen als: Doop van volwassenen en kinderen, Houding ten aanzien van het Oude Testament, Kerkgeschiedenis en Reformatie, Onderscheid zaken in en het hart van de gereformeerde theologie,Sacramenten, enz. In de afgelopen vier jaar is onze kerk bezocht door de predikanten Colijn, Harryvan en Drost, die ons les gaven over de Heidelbergse Catechismus. Wij zijn God dankbaar voor deze dienaren in Zijn koninkrijk, die ons de grondslagen van de Reformatie hebben onderwezen.
Egbert Brink
Onze kerk heeft de studie van de Drie Formulieren van Enigheid (de Nederlandse geloofsbelijdenis, de Dordtse Leerregels en de Heidelbergse Catechismus) afgerond. Wij bereiden nu lessen voor aan de hand van het boek van Egbert Brink (Het Woord vooraf, introductie in de gereformeerde theologie, voor iedereen die onze kerk bezoekt. Op vergaderingen van Voor het gebouw waar de gemeente van Gods liefde in Chmelnitski samenkomst, staan Edik Zavchuk, Sergej Shinder, Jura Lukavoy en Alexander Pavluk Wij zijn God dankbaar voor deze dienaren in Zijn koninkrijk, die ons de grondslagen van de Reformatie hebben onderwezen. Chmelnitski ligt vrij centraal in West-Oekraïne.
Meld je aan voor de maandelijks digitale nieuwsbrief: nieuwsbrief@oekrainezending.nl. De Gereformeerde kerk van Gods liefde in Chmelnitski 2. Vragen of opmerkingen? Mail de redactie: nieuwsbrief@oekrainezending.nl.
Onze kerk vergeleken wij de hedendaagse theologische benadering van de Baptist Union (waar onze kerk geregistreerd werd) met het onderwijs aan het Gereformeerd Seminarie in het licht van de Heilige Schrift. Na deze bijeenkomsten besloot onze kerk te willen groeien in het licht van de gereformeerde leer en de belijdenisgeschriften die officieel zijn aanvaard door de gereformeerde kerken. Na dit besluit kregen we problemen met de Bond van Baptistenkerken in onze provincie Chmelnitski en hebben wij besloten de Unie te verlaten in 2009. Hierna heeft onze kerk het bestuur van onze provincie de vereiste documenten gestuurd om een nieuwe registratie te krijgen als Evangelisch gereformeerde kerk van Gods liefde.
Onze kerk was als gast aanwezig op de synodes van de UERC. In 2011 hebben we schriftelijk gevraagd lid te mogen worden van de UERC omdat we graag nauwe banden willen hebben met de gereformeerde kerken en onze identiteit met haar willen delen in onderwijs, het gezamenlijk verbreiden van de gereformeerde, en het ontwikkelen van nieuwe kerken en haar bedieningen. In 2012 zijn wij officieel lid geworden van de synode. Onze liturgie en het gebouw waar wij erediensten houden. Wij zijn onze God dankbaar voor uw gebeden en de ontwikkeling van de Reformatie in Oekraïne. Wij willen u graag in onze vreugde laten delen. God vergunt het ons dat wij Hem elke zondag in de eredienst mogen ontmoeten. In het verleden stond daarbij de mens in het middelpunt. In de dienst draaide het om een thema – hoe je het de kerkgangers naar de zin kon maken, zodat zij bij onze kerkkonden blijven. Onze eredienst werd een show met veel elementen die een beroep doen op het gevoel. De mensen werden volgestopt met emoties, maar niet met geloof zoals het zaad in de gelijkenis uit Matteüs 13 Een ander deel viel op de rotsachtige grond, waar maar weinig aarde was, en het schoot meteen op omdat het niet diep in de grond kon doordringen. Toen de zon opkwam verschroeide het, en omdat het geen wortels had droogde het uit. Weer een ander deel viel tussen de distels, en toen die opschoten verstikten zij het zaaigoed.
Genade en vriendelijkheid van God voor zijn volk stonden ons niet langer toe in deze positie te blijven. Als kerk gingen wij overwegen, op basis van de Bijbel en de belijdenis, hoe God zijn volk wil ontmoeten. We besteedden ook aandacht aan de kerkgeschiedenis, vooral aan de gereformeerde liturgie. Tegenwoordig is iedere zondagse eredienst een viering. God nodigt ons hiervoor uit zoals een koning ons uitnodigt in zijn vertrekken, of als een ontmoeting van de bruidegom met de bruid. God nodigt ons uit en wij komen in zijn nabijheid vanwege zijn genade voor ons. De Drieënige God is het middelpunt van de eredienst. Alles wijst op Hem. Als wij in de nabijheid van de heilige God komen, begrijpen wij hoe zondig wij zijn en belijden wij onze zonden om gereinigd te worden door het bloed van Jezus Christus en ontvangen wij verder nog zegen door de prediking van het Woord, dat ons door de Heilige Geest voedt voor onze dienst en het volbrengen van Gods wil.
De volgende stap is dat wij ons gemeenschappelijk geloof belijden in Gods aanwezigheid, waarbij wij de Apostolische geloofsbelijdenis uitspreken en één van de artikelen van de Drie formulieren van Enigheid van de gereformeerde kerken. Ook, wij als volk, dat geroepen is God te dienen, dienen Hem met onze gaven en gebeden voor de Kerk, voor haar dienaren, voor de regering en onze dienst in de wereld. De laatste stap: God geeft ons vrede en zegent ons. Het was belangrijk voor ons te begrijpen dat de eredienst voor God leert hoe mensen dichtbij de Here komen en elke dag hun weg gaan met Hem. Deze waarheid komt levendig naar voren in de gereformeerde liturgie.
De Here zegende ons met een gebouw. Onze kerk is daar eigenaar van. Toen we het gebouw kregen was het niet meer dan kale muren en een dak. In de loop van vijf jaar is de Here ons blijven zegenen. Nu hebben wij alle faciliteiten, gas, elektriciteit, water, telefoon en ook ramen. We hadden een lokaliteit nodig voor onze erediensten en dus hebben we de eerste verdieping opgeknapt als toevluchtsoord waar wij ook zondagsschool houden. In het afgelopen jaar schonk God onze kerkleden het verlangen geld te geven voor een schutting. En die staat dan nu aan één kant van ons kerkgebouw.
Gebed
Wij vragen u voor ons te bidden:
1. Moge God ons geestelijk doen opstaan in Christus Jezus door de Heilige Geest.
2. Moge onze eredienst geen formeel iets zijn, maar integendeel een effectieve steun voor geloofsgroei inde verwachting van de komst van onze redder Jezus Christus.
3. Moge God ons de mogelijkheid geven voldoende geld te verdienen om dat te geven aan Hem, onze buren en voor het kopen van de spullen die nodig zijn voor ons kerkgebouw dat Hij ons gegeven heeft.
Bron: Stichting Oekraïnezending, Hattem | www.oekrainezending.nl
Ze streken neer in Veenendaal en bezochten predikanten en scholen en vooral gemeenten. Jos en Marlies Colijn schreven daarover onderstaand verhaal. Liever een Rus in mijn keuken dan een raket in mijn tuin! Dat was in 1981 de slogan tegen kruisraketten, van de protestzanger Armand. In een Veenendaalse keuken werd in 2012 een originele Oekraïense borsjtsoep gekookt door een paar Oekraiense predikanten, die in het kader van een uitwisseling tussen theologen een snuffelstage hadden. Vorig jaar hebben een aantal Nederlandse predikanten in Oekraïne meegelopen met hun collega’s, nu kwamen de Oekraïeners een kijkje nemen in de Hollandse kerkelijke keuken. Veenendaal was gastgemeente, maar er werden veel kerken bezocht die de Oekraïense zending steunen. De Oekraïeners hebben over hun werk verteld en gezongen in de diensten. Dat maakte indruk!
Wat viel hen op?
Maxim: Als kinderen thuis en op school God leren kennen heeft dat qua overdracht van waarden en normen zijn uitwerking op de hele samenleving. In Oekraïne wordt alleen kennis overgedragen. Over geloof wordt niet gesproken. Alles wat van huis uit wordt meegegeven wordt op school afgebroken. Kinderen leren niet om elkaar te respecteren. Zwakke kinderen worden niet geholpen en beschermd. En thuis is er amper gezinsleven. Er waren gesprekken met ouderlingen en diakenen, met de werkgroep Kind en eredienst, er werden huisbezoeken afgelegd, preken gezamenlijk voorbereid, kortom: de Oekraïeners kregen een uitgebreid menu voorgeschoteld. Sommige dingen gingen erin als zoete koek: de handdruk na de preek, verkiezing van ouderlingen, zittend avondmaal, jonge mensen die belijdenis van hun geloof deden, en een kindermoment: geweldig! Wat hebben jullie veel te bieden aan jullie kerkleden!
Waar ze zich over verbaasden was, het ontbreken van trots over wat de Nederlandse kerken bereikt hebben. Ze proef. den eerder een weg-met-ons-mentaliteit: Schamen jullie je er soms voor om gereformeerd te zijn? De Oekraïense kerken zijn heel erg op zoek naar een eigen identiteit: wat onderscheidt ons van anderen? Wij willen voluit gereformeerd zijn. Dat maakte de uitwisseling voor beide partijen zo leerzaam en de moeite waard om volgend jaar een groep Nederlanders van het Oekraïense menu te laten proeven.
En Armand kreeg zijn zin: weg met de kruisraketten, liever Oekraïeners in mijn keuken! Dominee Edik Shevshuk zingt een lied. Oekraïeners zingen in de kerk.
Bron: Stichting Oekraïnezending, Hattem | www.oekrainezending.nl
Kerk in Actie zal in de komende tijd haar band met de gemeenten van de Protestantse Kerk versterken. Tegelijkertijd wil Kerk in Actie zich in haar diaconale en zendingswerk in het buitenland meer gaan richten op kerken en kerkelijke organisaties. Zij zijn de natuurlijke partnerorganisaties van Kerk in Actie. Werk dat niet direct tot de kerntaken van Kerk in Actie behoort, zal kritisch worden bekeken en zo worden ingericht dat het de kern van het werk gaat versterken. Dat staat in het Jaarverslag Kerk in Actie 2011, dat onlangs voor het eerst volledig op het internet is gepubliceerd. Bekijk het jaarverslag: www.kerkinactie.nl/jaarverslag2011.
Kerntaken
In haar keuze van projecten zal Kerk in Actie de nadruk leggen op versterking van het draagvlak van Kerk in Actie. Daarnaast wil Kerk in Actie een stem laten horen tegen onrecht in Nederland en in de landen waar Kerk in Actie met partners samenwerkt. Ten slotte zet Kerk in Actie in op directe diaconale en missionaire samenwerking en steunverlening. Als een project uiteindelijk niet aan deze criteria voldoet, zal het worden afgebouwd. Het kiezen van prioriteiten in het werk is noodzakelijk omdat de totale kerkelijke inkomsten de laatste jaren dalen. De bijdrage van particuliere gevers – de donateurs van Kerk in Actie – blijft tot nu toe stabiel.
Uitwisselen
Meer dan in het verleden gaat het in het werk van Kerk in Actie om het uitwisselen van kennis, ervaring en ideeën. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de contacten die er zijn met andere religies. In Indonesië doen de kerken ervaring op in hun contacten met moslims. Van deze kennis maakt de Protestantse Kerk in Nederland gebruik. In 2011 hebben Nederlandse en Indonesische theologische faculteiten bijvoorbeeld de handen ineen geslagen om gezamenlijk onderzoek te doen naar christen-moslimrelaties in Nederland en Indonesië. De Indonesiërs spelen een prominente rol in dit onderzoek. Zij zullen vanuit hun ervaring commentaar leveren op het memorandum over de Islam ‘Integriteit en respect’ dat in maart 2011 in de Generale Synode van de Protestantse Kerk is ingebracht. Op deze manier geven zij gehoor aan het verzoek van de synode om buitenlandse partners mee te laten denken over dit beleid.
Delen
Kerk in Actie blijft opkomen voor mensen die, door wat voor omstandigheden ook, in een moeilijke situatie verkeren. Namens de gemeenten van de Protestantse Kerk spreekt Kerk in Actie zich uit voor het behoud van ontwikkelingssamenwerking en voor betere en goed toegankelijke voorzieningen voor mensen die voor kortere of langere tijd hulp nodig hebben. Op die manier wil Kerk in Actie handen en voeten geven aan de zendingsopdracht en de diaconale roeping van de Protestantse Kerk in binnen- en buitenland: om geloof, hoop en liefde met elkaar te delen.
Kerk in Actie is het zendings- en diaconale werk in binnen- en buitenland van de Protestantse Kerk in Nederland. Delen van dit werk wordt mede namens tien oecumenisch georiënteerde kerken en organisaties in Nederland uitgevoerd.
Bron: Kerk in Actie | www.kerkinactie.nl
Onlangs heeft 3xM in Azië een voor hen nieuw land bezocht. Er is gesproken over samenwerking om het evangelie via televisie-uitzendingen te verspreiden. Een uniek project voor dit grote land waarvan we de naam niet kunnen noemen en 90 procent van de bevolking moslim is.
Onlangs heeft 3xM in Azië een voor hen nieuw land bezocht. Er is gesproken over samenwerking om het evangelie via televisie-uitzendingen te verspreiden. Een uniek project voor dit grote land waarvan we de naam niet kunnen noemen en 90 procent van de bevolking moslim is.
“We zijn met open armen ontvangen door onze lokale contacten. Met enthousiasme werden er ontwikkelingen verteld en zijn we gevraagd om te helpen het evangelie via televisie uit te zenden”, aldus 3xM.
Bij eerder contact met leiders van kerken bleek dat er nauwelijks onderling overleg en samenwerking was tussen kerken. Het leek erop dat dit ook niet snel ging gebeuren, waardoor 3xM moeilijk kon peilen of er belangstelling was voor christelijke televisie. Tot verrassing bleek dat er inmiddels een forum van eenheid tussen de verschillende kerken is opgericht.
Momenteel is 3xM bezig om stappen te zetten voor samenwerking. Dit is een belangrijk proces waarin nadere kennismaking een belangrijke plaats inneemt, overeenkomsten worden voorbereid en alle betrokkenen zich goed bewust moeten worden van de details en impact.
3xM is God dankbaar dat Hij in dit moslimland christenen van verschillende kerken bij elkaar heeft gebracht en het verlangen heeft gegeven om bij hen het evangelie via televisie te verspreiden.
Bron: 3xM | www.3xm.nl
Minister Edith Schippers (VWS) heeft vandaag het startsein gegeven van een keukentafeldiscussie over de betaalbaarheid van de gezondheidszorg. Zij wil hiermee de Nederlandse bevolking bewust maken van de oorzaken en gevolgen van de fors stijgende zorguitgaven. Tegelijkertijd wordt een reeks aan keuzes en maatregelen voorgelegd waarmee de problematiek kan worden opgelost.
Namens het kabinet stuurt Schippers vandaag de publicatie
De zorg: hoeveel extra is het ons waard? naar de Tweede Kamer. Hiervan verschijnt ook een toegankelijke publieksvriendelijke versie. Dit initiatief van Schippers is vorig jaar bij de begrotingsbehandeling met de Tweede Kamer besproken. Vanwege de demissionaire status is een voorgenomen hoofdstuk met concrete keuzes en maatregelen van het huidige kabinet achterwege gelaten. In plaats daarvan worden de uiteenlopende opties geschetst, waaruit iedereen – burger of politieke partij – haar voorkeursoptie(s) kan kiezen.
De zorguitgaven stijgen in Nederland jaar in jaar uit. Wat weinigen zich realiseren, is dat op dit moment een modaal gezin bijna 25% van zijn inkomen uitgeeft aan zorg. Dit zal zich bij ongewijzigd beleid de komende decennia bijna gaan verdubbelen. De zorg dreigt hiermee onbetaalbaar te worden.
Oorzaken van de stijgende zorguitgaven zijn velerlei. Door technologische vooruitgang kunnen we steeds meer in de zorg en door de gestegen welvaart willen we ook steeds meer. Maar daar hangt wel een forse prijskaart aan. Veel ziektes die vroeger dodelijk waren, zijn dat nu niet meer. Maar dat gaat wel gepaard met toenemend beroep op dure medicijnen en behandelingen. Verder stellen we ook steeds hogere eisen aan de zorg en ook dat drijft de kosten op.
Er zijn veel mogelijkheden om de kosten in de zorg te beheersen, maar geen van hen is zonder ingrijpende consequenties. In de publicatie worden de verschillende alternatieven geschetst. Zo kunnen we meer premies en belastingen heffen, of het verzekerde pakket uit minder zorg laten bestaan. Andere opties zijn: meer eigen betalingen, maxima stellen aan zorgbudgetten en behandelingen, of meer zorgvraag in eigen kring opvangen.
Bron: Rijksoverheid | www.rijksoverheid.nl
Bron: Christelijke Hogeschool Ede (CHE) | www.che.nl
[/p]